UMC Utrecht

Bekijk hier alle publicaties die over en door het UMC Utrecht gemaakt zijn.

Het beloop na ontslag

Het beloop na ontslag
De rit naar huis

Tijdens de rit naar huis moet u er rekening mee houden dat het beter is om niet langer dan 30 minuten achter elkaar te zitten. Zorg er dus voor dat als u langer dan 30 minuten moet rijden, dat u dan tussendoor een pauze inlast waarin u even een kleine wandeling maakt.

Wel of geen fysiotherapie thuis

Tot de policontrole op de polikliniek bij de neurochirurg bouwt u zelf uw activiteiten op. Kijk ook bij "Opbouw conditie".

Na zes weken start u pas echt met oefeningen om uw nekspieren te versterken. In overleg met de neurochirurg kan er dan gekozen worden om fysiotherapie te gaan volgen in de eerste lijn of, indien daar geen behoefte of noodzaak voor is, zelfstandig te oefenen.

Indien u wilt beginnen met fysiotherapie dan kunt u zelf contact opnemen met een fysiotherapeut in de buurt en de overdrachtsbrief overhandigen.

Wanneer u naar de 1e lijn fysiotherapeut toegaat, betaalt u eerste 20 behandelingen zelf, tenzij uw aanvullende verzekering dit vergoed. U kunt via de huisarts een machtiging fysiotherapie aanvragen. Alleen wanneer de specialist verwacht dat u meer dan 20 behandelingen fysiotherapie nodig gaat hebben, ontvangt u een machtiging van de specialist.

Opbouw conditie

Na de operatie kan uw conditie verminderd  zijn. Deze adviezen zijn een algemene richtlijn om zelfstandig uw  conditie op te bouwen.

  • Start met dagelijks wandelen. Een alternatief of extra is fietsen op een hometrainer. 
  • Uw beweegprogramma voert u uit naast uw dagelijkse handelingen (dus niet in plaats van uw dagelijkse handelingen).
  • Luister altijd naar uw lichaam en handel daarnaar.
  • Tijdens en na afloop van het wandelen kunt u  vermoeid raken, licht buiten adem zijn, licht spierpijn hebben of zich  warm en zweterig voelen. Dit is normaal. Binnen een half uur moeten deze  verschijnselen weer verdwenen zijn. Als dat niet zo is, dan doet u  wellicht te veel. Ga dan een stap terug in uw schema.
  • Als u vijf minuten wandelen nog niet haalt, begint u dan met de duur die u wel haalt en bouw dan op naar vijf minuten.
  • Als u begint met fietsen op een hometrainer: stel dan geen verzet of weerstand in op uw fiets. Kijk voor duur en frequentie in het opbouwschema hieronder. Dit schema is naast wandelen ook geschikt voor fietsen.
Traploopinstructies

Met de volgende dingen moet u altijd rekening houden tijdens het traplopen:

  • Loop rustig de trap op en doe dit nooit overhaast
  • Loop met steun van de hand(en) aan de leuning(en) 
  • Zorg ervoor dat de voet telkens geheel op de trede staat 

Trap op

  • Indien het ene been sterker is dan het andere been begin dan met uw sterkere been
  • Zet vervolgens uw minder sterke been naast uw sterkere been
  • Ga op deze manier trede voor trede omhoog

Door bij te stappen zorgt u ervoor dat het sterkere been het  meeste 

kracht moet leveren waardoor het traplopen  makkelijker gaat. Dit kost iets meer tijd dan als u door stapt maar dit  zorgt wel voor een betere veiligheid. 

Trap af

Er zijn 2 manieren om de trap af te gaan. Dat  zijn vooruit  en achteruit lopen. Het voordeel van vooruit lopen is dat u  ziet waar u heen gaat, het voordeel van achteruit lopen is dat u niet  in de diepte hoeft te kijken. U kunt zelf uitkiezen wat uw voorkeur  heeft.  

Bij beide manieren is het principe hetzelfde. 

  • Zet in tegenstelling tot het trap op lopen nu uw minder sterke been als eerste naar beneden. 
  • Zet uw sterkere been naast uw minder sterke been
  • Ga op deze manier trede voor trede naar beneden

 Mocht het u heel makkelijk afgaan dan kunt u  ervoor kiezen om door te stappen in plaats van bij te stappen. Probeer  dit dan eerst omhoog en daarna pas omlaag als omhoog goed gaat. Omlaag  is namelijk moeilijker dan omhoog.

Vervolg trap af

  • Zet in tegenstelling tot het trap op lopen nu uw minder sterke been als eerste naar beneden. 
  • Zet uw sterkere been naast uw minder sterke been
  • Ga op deze manier trede voor trede naar beneden

Mocht het u heel makkelijk afgaan dan kunt u ervoor kiezen om door te stappen in plaats van bij te stappen. Probeer dit dan eerst omhoog en daarna pas omlaag als omhoog goed gaat. Omlaag is namelijk moeilijker dan omhoog.

Het beloop na ontslag
De rit naar huis

Tijdens de rit naar huis moet u er rekening mee houden dat het beter is om niet langer dan 30 minuten achter elkaar te zitten. Zorg er dus voor dat als u langer dan 30 minuten moet rijden, dat u dan tussendoor een pauze inlast waarin u even een kleine wandeling maakt.

Wel of geen fysiotherapie thuis

Tot de policontrole op de polikliniek bij de neurochirurg bouwt u zelf uw activiteiten op. Kijk ook bij "Opbouw conditie".

Na zes weken start u pas echt met oefeningen om uw nekspieren te versterken. In overleg met de neurochirurg kan er dan gekozen worden om fysiotherapie te gaan volgen in de eerste lijn of, indien daar geen behoefte of noodzaak voor is, zelfstandig te oefenen.

Indien u wilt beginnen met fysiotherapie dan kunt u zelf contact opnemen met een fysiotherapeut in de buurt en de overdrachtsbrief overhandigen.

Wanneer u naar de 1e lijn fysiotherapeut toegaat, betaalt u eerste 20 behandelingen zelf, tenzij uw aanvullende verzekering dit vergoed. U kunt via de huisarts een machtiging fysiotherapie aanvragen. Alleen wanneer de specialist verwacht dat u meer dan 20 behandelingen fysiotherapie nodig gaat hebben, ontvangt u een machtiging van de specialist.

Opbouw conditie

Na de operatie kan uw conditie verminderd  zijn. Deze adviezen zijn een algemene richtlijn om zelfstandig uw  conditie op te bouwen.

  • Start met dagelijks wandelen. Een alternatief of extra is fietsen op een hometrainer. 
  • Uw beweegprogramma voert u uit naast uw dagelijkse handelingen (dus niet in plaats van uw dagelijkse handelingen).
  • Luister altijd naar uw lichaam en handel daarnaar.
  • Tijdens en na afloop van het wandelen kunt u  vermoeid raken, licht buiten adem zijn, licht spierpijn hebben of zich  warm en zweterig voelen. Dit is normaal. Binnen een half uur moeten deze  verschijnselen weer verdwenen zijn. Als dat niet zo is, dan doet u  wellicht te veel. Ga dan een stap terug in uw schema.
  • Als u vijf minuten wandelen nog niet haalt, begint u dan met de duur die u wel haalt en bouw dan op naar vijf minuten.
  • Als u begint met fietsen op een hometrainer: stel dan geen verzet of weerstand in op uw fiets. Kijk voor duur en frequentie in het opbouwschema hieronder. Dit schema is naast wandelen ook geschikt voor fietsen.
Traploop-
instructies

Met de volgende dingen moet u altijd rekening houden tijdens het traplopen:

  • Loop rustig de trap op en doe dit nooit overhaast
  • Loop met steun van de hand(en) aan de leuning(en) 
  • Zorg ervoor dat de voet telkens geheel op de trede staat 

Trap op

  • Indien het ene been sterker is dan het andere been begin dan met uw sterkere been
  • Zet vervolgens uw minder sterke been naast uw sterkere been
  • Ga op deze manier trede voor trede omhoog

Door bij te stappen zorgt u ervoor dat het sterkere been het  meeste 

kracht moet leveren waardoor het traplopen  makkelijker gaat. Dit kost iets meer tijd dan als u door stapt maar dit  zorgt wel voor een betere veiligheid. 

Trap af

Er zijn 2 manieren om de trap af te gaan. Dat  zijn vooruit  en achteruit lopen. Het voordeel van vooruit lopen is dat u  ziet waar u heen gaat, het voordeel van achteruit lopen is dat u niet  in de diepte hoeft te kijken. U kunt zelf uitkiezen wat uw voorkeur  heeft.  

Bij beide manieren is het principe hetzelfde. 

  • Zet in tegenstelling tot het trap op lopen nu uw minder sterke been als eerste naar beneden. 
  • Zet uw sterkere been naast uw minder sterke been
  • Ga op deze manier trede voor trede naar beneden

 Mocht het u heel makkelijk afgaan dan kunt u  ervoor kiezen om door te stappen in plaats van bij te stappen. Probeer  dit dan eerst omhoog en daarna pas omlaag als omhoog goed gaat. Omlaag  is namelijk moeilijker dan omhoog.

Vervolg trap af

  • Zet in tegenstelling tot het trap op lopen nu uw minder sterke been als eerste naar beneden. 
  • Zet uw sterkere been naast uw minder sterke been
  • Ga op deze manier trede voor trede naar beneden

Mocht het u heel makkelijk afgaan dan kunt u ervoor kiezen om door te stappen in plaats van bij te stappen. Probeer dit dan eerst omhoog en daarna pas omlaag als omhoog goed gaat. Omlaag is namelijk moeilijker dan omhoog.